Een monocultuur is een plantagecultuur voor politieke monopolie

Geplaatst: 18 juni 2009 in Commentaren
Tags:, , , ,

 
……. waar de nieuwe kleren voor de kiezer geweven worden.

 
 
Hoe absurd is de huidige boom aan conservatisme eigenlijk bezig? Een essay over de lijnen die we nu kunnen trekken door de betogen van de nieuwe geestelijken heen om uiteindelijk te constateren dat men naakt op de catwalk van de media paradeert.
 
 
De conservatieve golf in de politiek is zo met de terugkeer naar de tijd van het rurale Holland bezig dat zij niet merken dat ze ondertussen hun plek in het heden al kwijt zijn. Ze worden helemaal in beslag genomen door hun spannende jongensboeken vol hollandse helden, die strijden voor God en Vaderland tegen vreemde mogendheden en volkeren, waartoe ze eerst erkenning van een eigen richting voor het dorp Killand nodig hebben. Hun Heimat zoeken ze niet in de wereld van de 21e eeuw, waar goede relaties tussen wereldburgers, overheden, landen, regio’s en continenten de grootste uitdaging vormen. Nee, zij zoeken het in een terugkeer naar de plaats waar de burgerij zich deftig maakte en de in de koloniën werkzame Nederlanders hun langdurig verlof doorbrachten. Vervuld van angst en afkeer van de huidige tijd, waarin internationaal de betrekkingen het spannendst zijn en de problemen op wereldschaal om overstijging van de eigen sores vragen, willen zij niets van mondialisering van de politiek weten en zeker niet van de maatschappij. Zij treuren zoals alleen een Hofstad zonder stadrechten kan treuren en vinden in de tranen van de Weduwe van Indië het verdriet van Hun Verloren Holland.
 
 
Dat het 18e eeuwse Den Haag voor hen het verloren rijk is, dat in hun visioenen op hun deur klopt om het oude Holland in ere te herstellen, heeft vooral te maken met de parallelle geschiedenissen van een dorp met een bevolkingsomvang van de toen al grootste steden Amsterdam en Rotterdam, dat echter geen stad mocht worden, geen zelfbestuur mocht hebben en geen erkenning van haar belang kreeg en van onze plaats in de huidige tijd waarin een horde kiezers gekweekt wordt die heel Nederland voor zichzelf opeist en ook eigen richting wil voor hun gevormde massa als enige echte hollanders. De huidige paradox van de plaats waar de hoogste bestuursorganen en het hoogste gerechtshof van het land zetelen, dat zich als de Internationale stad van Vrede en Recht profileert met de hoogste internationale gerechtshoven in de wereld, waar de instituten voor wereldvrede en -veiligheid resideren, maar ook de partijen, stichtingen en vergaderingen van vele conservatieve stromingen zich gevestigd hebben die een naar binnen gekeerd Vaderland willen en een eigen richting van de democratie voorstaan, is voor hen alsof ze in het einde van de 18e eeuw leven.
 
 
In die tijd zoeken ze hetzelfde fin de siècle zoals de echte 18e eeuwse haagse bluf daar destijds naar verlangde, die een einde moest maken aan de residentie van de graven van Holland, die de zich aristocratisch opstellende burgerij geen zelfbestuur gunde om het dorp als een rurale entiteit klein te houden. Voor de burgerij, die zich schurkte aan de aristocratie in haar bebouwde dorpskom, was dat zuur. Hoezeer ze ook hun best deden zich deftiger dan heel Nederland voor te doen en het contrast tussen de aristocratie rond het Binnenhof en het Voorhout en de meer volkse delen daarbuiten zo groot mogelijk te maken, ze hebben die stadsrechten nooit gekregen. Pas toen het wettelijke verschil tussen stad en platteland na de grondwet van 1848 en de Gemeentewet van 1851 was komen te vervallen, verstomde de roep om een eigen monocultuur en resteerde slechts het Haags, dat van alle stedelijke dialecten het meest opgeblazen gevoel in de borstkas geeft.
 
 
De hunkering naar een monocultuur heeft in Den Haag niet alleen bestuursrechtelijk een rijke graal gevonden, maar ook voor haar symbolische strijd tegen de overspoeling door de Islam. De conservatieve notie van een monocultuur is qua idee rechtstreeks ontleend aan de rurale wereld die op hetzelfde stuk grond altijd hetzelfde gewas verbouwt. Het sluit vruchtwisseling volledig uit en daarmee iedere nieuwe werkelijkheid voor de plant als fenotype. De koloniale plantage is daar een typisch voorbeeld van en het Den Haag van de conservatieven vindt daar haar naar het oude Holland verdraaide verlangen van de oud-Indiëgangers in terug. Echter het eenzijdig uitputten van de bodemvruchtbaarheid (lees het monoculturele verleden van een burgerij die deftigheid voor het hoogste fatsoen versleet), doet gemakkelijk ziekten ontstaan in het gewas (lees de geest) als er niet bemest wordt. Vooral aaltjes, die te glad zijn om aan te pakken, vormen vaak een probleem omdat ze moeilijk te bestrijden zijn. Ook weer een opvallende overeenkomst met het steeds wegglippen van conservatieven in de debatten waar hun eenzijdige uitbuiting van de ontwikkelingsmogelijkheden van land, volk en samenleving onderuit wordt gehaald.
 
 
Een groter gevaar van een monocultuur is echter dat het zich door haar eenzijdige ontwikkeling zo ver moet specialiseren dat het alleen het gewas (de op één soort gefocuste geest) nog maar kent en dat machines (lees staatsapparaten) moeten worden ingezet om economisch te renderen (lees een gehoorzaam volk te houden). De brede kennis van en aan meer culturen wisselt men in voor de smalle vakkennis van en aan één soort mensen, ons soort mensen noemt met dat in Den Haag en omgeving. Ook uit de sociologie kan men putten waar het begrip monocultuur gehanteerd wordt voor een eenzijdige samenstelling van de bevolking, waardoor men de endogene plantenteelt radikaal kan toepassen op mensen, producten of diensten. Het gevolg is een reductie van de wereld tot de kruidenier die alleen van ieder product één merk verkoopt en het liefst alle behoeften in één product wil bevredigen, De Stampot.
 
 
Echter op zich hoeft uitgaan van een monocultuur nog niet te betekenen dat men culturele diversiteit afwijst. Hoewel de leiders ernaar neigen om van allochtone culturen ontleende normen en waarden onpasselijk te worden en heel het land hiervoor zouden willen behoeden, gaat het ze eigenlijk om een stevig monopolie. Hun verlangde monocultuur presenteren ze wel als tegenhanger van de multiculturele samenleving in Nederland, echter ondertussen zijn ze bezig voor de hele wereld één leverancier (al dan niet goedgekeurd door een regime of een dictatuur) te worden van ideologische diensten of producten om van iedere natie of regio een Heimat met één oog te telen. Evenals hun voorgangers, de nationaal socialisten, willen ze mensen die en masse de leider plezieren door eenstemmig te reageren op hun monologen en zaken als voeding en licht aan hen uit handen te geven. Net als in de agrarische monocultuur, waar de planten sterk op elkaar lijken, verlangt men naar een wereld waarin ieder mens identiek is aan de ander.
 
 
Politieke en culturele monopolisten omzeilen daartoe de democratie en zoeken hun geluidsversterkers buiten Het Binnenhof. Men weigert zelfs ieder openbaar debat en heeft van de democratie een ingezonden brievenrubriek gemaakt. Ze putten zich uit in monologen, slaan daarbij fier op de eigen borst zoals de Neanderthaler communiceerde, en doen alsof alleen zij de dingen bij hun naam durven te noemen. Bij kritiek
gaan ze meteen gillen dat men niet de bal speelt maar het op de speler zelf heeft gemunt. Al rondzwierend in het eigen gedachtengoed dat de wereld aan de onreinheid van de ander tenonder gaat, louter in de weer met het eigen overweldigende gelijk. Hoewel ze beter moeten weten, want na de moord op hun grote roerganger, de olijke fat Pim Fortuyn, bleef van hun monopolistisch gemotiveerde monocultureel denken in Rotterdam niets overeind.

 
 
In de Islamdebatten in deze stad werd het al snel een valse echo. Leefbaar Rotterdam kwam niet verder dan wat al eerder gedaan was namelijk met politionele en bureaucratische macht wijken uitkammen. De veiligheid, die onder Peper al een speerpunt was, is even veilig als onveilig gebleven wat in een grote stad nu eenmaal nooit anders zal zijn. De buurten die er het meeste last van hadden zijn nu bijna allemaal opgeknapt, en dat scheelt, maar nog altijd moet men op de meeste plekken de boel in de gaten houden. Alleen zijn er nu meer maatregelen mogelijk om illegale verhuur en dergelijke aan te pakken en heeft men de inkomensgrens als cordon sanitaire om de stad getrokken. Niets in dat beleid heeft echter korte metten weten te maken met het verblijf van allochtonen in die stad, met de vrijheid van hun godsdienst, met de inbreng van hun cultuur in de openbare of de eigen ruimten, waar nu zelfs een marokkaan burgemeester is.
 
 
De conservatieve monopolisten van het debat over het geboorteland, waarin ze zo graag op plantages samen willen leven met de mensen van hun eigen soort, zouden toch eens kennis moeten nemen van de les die het Fortuynisme in Rotterdam in de praktijk ons leerde. Namelijk dat vraagstukken als veiligheid, sociale cohesie en maatschappelijke ontwikkeling aangepakt kunnen worden als je doortastend handelt. De kletskoek over jihads van alleen moslims en over marokkaanse jongeren die als enigen een criminele natuur of cultuur hebben, is in diezelfde praktijk nooit bewezen. In geen enkele wijk is een jihadcel gevonden en in geen enkele wijk zijn het louter marokkaanse jongeren die de boel verzieken. Wel zijn er veel antilliaanse, kaapverdiaanse, algerijnse, nederlandse, hindoestaanse, ja veel ongeren in het algemeen die net als hun marokkaanse vriendjes al jaren weleens of regelmatig over de schreef gaan en waar men hen op moet aanspreken. Dan klopt het dat ze niet erg ontvankelijk voor je kritiek zijn, maar welke opstandige jongere is dat wel en wie was dat wel in zijn jeugd van binnen of van buiten?
 
 
Back to the basics of democracy geraakt geen enkel land door de klok terug te draaien. Het monopoliseren van de wijze waarop iedere etnie zijn eenzijdige ontwikkeling weer kan herstellen brengt de conservatieven juist in het vaarwater van die door heen verfoeide moslims die dit voor hun Islam ook zouden doen. De pot verwijt de ketel niet alleen dat hij zwart ziet, maar ook dat hij niet wit ziet. Met zo’n dubbele tong ontstaat er alleen een nog onverstaanbaarder haags. Helder voor wie even troebel denkt als zij en volstrekt onverstaanbaar voor wie de vraagstukken wil aanpakken in plaats van ze te vergroten.
 
 
Terwijl er eigenlijk niets aan de hand is in Nederland op godsdienstig noch op cultureel gebied. Nergens tref je meer de oude twisten aan waar Nederland door verziekt is en zich met veel pijn en moeite uit gered heeft met een grondwet waarin de pluriforme maatschappij gewaarborgd is. De culturele conflicten worden voornamelijk in de media in stand gehouden door ieder geval van geweld etnisch te duiden als het om moslims en met name marokkanen gaat. Waarbij opvalt dat de slachtoffers steeds spreken van een enkeling die het voor de grote groep verpest en de journalist op zijn lippen bijt als een aangerande ambulancemedewerker hem voorhoudt dat hij het meeste last van dat soort media heeft gehad. De verguisde marokkanen hadden hem juist en masse hun excuses willen aanbieden, maar dat vond hij te genant voor woorden. Zulke lieve mensen die van de schrik hem niet anders weten te vertellen dan hoe erg ze het allemaal vinden en vooral voor hem, die toch onbaatzuchtig voor ieders leven in de bres springt.
 
 
Dat criminaliteit niet monocultureel is, is wellicht de reden voor het conservatieve gedraai met de werkelijkheid. Ze moeten immers als monopolisten van de enige ware cultuur, die van de zelfgenoegzame haagse burger uit de 18e eeuw, strijden tegen alle andere monopolisten en dan zie je ook niks wat divers is samengesteld of dat altijd al opstandig en lastig is. Zoals De Jeugd, die in zijn natuurlijke drang van opgroeiende mensachtige op weg naar volwassenheid, verveeld om zich heen slaat en die dat harder doet als de ander er schande van spreekt en de media er bovenop springt.
 
 
Als kind van een haagse moeder heb ik, net als zij mij vertelde, de jeugd altijd gekend als de grootste klacht die ouderen over de maatschappij hebben. Zelf ken ik de achterbuurten van Delft vrij goed waar je beter niet je gezicht kon laten zien behalve tijdens de oranjefeesten en heb ik menig straatgevecht moeten leveren om als plattelander in die stad, de rivaal van Den Haag om de residentie van de Staten Generaal in de 18e eeuw, mijn plek te krijgen. Dat heb ik als beginnend student, die graag onder het volk verkeert, nog eens dunnetjes in de Hakbijlenbuurt in Leiden over moeten doen, toen ik me daar vestigde. En nu zou het slechts gaan om zo’n 100 tot1000 in heel Nederland die ons de baas zijn geworden…..
 
 
Geachte conservatieve monopolisten van het maatschappelijk debat over een leefbare samenleving houdt op met uw nostalgisch verlangen naar de 18e eeuw en geef toe dat onze democratie nog volop in ontwikkeling is om als pluriforme maatschappij de lastige jeugd het hoofd te bieden. Nog geen tien jaar geleden zagen we het nog als een algemeen vraagstuk van de opvoeding van kinderen die onvoldoende hadden aan de opvoeding thuis, op school en daarbuiten. De puberende jeugd is natuurlijk altijd brutaler dan de vorige generatie. Het puberen is voor menig ouder nog altijd een oorlogstijd in huis. Waarom houden we het daar dan niet bij en zorgen we voor een effectieve opvoedingsondersteuning?
 
 
Geachte voorman Wilders, waarom wil je niks weten van oplossingen om samen te leven? Waarom blaas je de brutaliteit van tieners op tot een jihad op wereldschaal? Alleen omdat je marketing dat het allemaal aan die moslims ligt zoveel winst aan stemmen oplevert? Je film over de doodsbange kiezers die je met je Islam-apocalypse achter je Messiaswaan weet te krijgen, heeft zijn succes allang bewezen. We kunnen er nu nog om lachen, maar straks ga je er zelf nog in geloven en dan? Met tientallen miljoenen moslims die je Europa uit wilt sturen, terwijl je niet in dat Europa zelf gelooft, red je het op wereldschaal niet. Je zult daarvoor honderdtallen miljoenen op de boot moeten zetten. Dat zou meteen 20 zetels extra opleveren in de wereldraad der Heimatters. Of moeten we wachten tot je statistieken uit zichzelf gaan blozen?
 
 
Geachte dames en heren, als jullie het openbare debat schuwen over jullie motieven, statistieken, opvattingen en doelstellingen en het liefst aan de spelregels van de democratie sleutelen in plaats van de dialoog er binnen zoeken, dan resten nog slechts de lege zetels aan de rand van de democratie en een lang bivak als verveelde hooligans die van het spel dat de democratie voor de liefhebber is niks snappen en wachten tot er voldoende rapaille verhit is dat destijds ook de gebroeders de Wit het leven kostte. Net als de orde van de moderne geweldsmonniken, de hooligans met een capuchon als kap, worden jullie kiezers vooral gedreven door de sensatie, zien jullie de democratie (het spel) als een arena, waar de overwinnaars de verliezers moeten afslachten. Net als zij houden jullie slechts van vals spelen, van het spel zelf kapot te maken, van overwinnaars die de anderen naaien. Fair play brengt jullie stemvee in slaap.
 
 
Zelf een standpunt formuleren en daar alleen voor gaan staan, dat zul je zulke kiezers nooit zien doen. Zij papegaaien liever wat ze zelf nooit in hun eentje voor hun rekening durven te nemen. Politiek is voor hen niet het voorleggen van een mening en op basis van zindelijk denken en argumenteren tot overeenstemming komen. Politiek is voor hen een zeepkist, waarop je alles mag zeggen wat je vindt. Wie het meeste publiek trekt, heeft gelijk.
 
 
De gotspe is niet alleen de 18e eeeuwse mentaliteit van de gefrustreerde haagse burger die eigenlijk over de hele wereld wil heersen, maar vooral dat men tegen de uitvergrote totalistische intenties van de ander (de toenemende overheersing door de Islam) die van zichzelf verzwijgt en zo een autoritaire kleinmacht aan de Noordzee via een democratisch gekozen meerderheid wil stichten, die mensen reduceert tot één angstig fenotype. Onze buren hebben dat al in de tweede wereldoorlog geprobeerd en zijn van hun kille kermis zwaar geschonden thuisgekomen. Of, anders geformuleeerd, het front dat nu tegen de grootste en meest pluriforme godsdienst op aarde gemaakt wordt, kent geen enkele geest die uitzicht biedt op een aarde waar iedereen zijn of haar gemeenschap mag stichten als hij of zij zich houdt aan de democratische regel dat we samen een maatschappij overeind houden die voor al die gemeenschappen leefbaar is en die voor vrijwel alle gelovigen een diversiteit aan erediensten mogelijk maakt voor een god die hen diep in hun geschiednis met elkaar verbond. Al is die god voor de een een opperwezen en voor de ander wat onbenoembaar als natuur of leegte verblijft.
 
 
Zo worden de kleren van de kiezer even fraai als die van de keizer, terwijl alle verwilderde stemmers met hun idool denken dat zij nu de mode bepalen zien we de Wildersgroet in de handen die hun schaamdelen bedekken.
 

reacties
  1. Henk Daalder schreef:

    Je richt je tot voorman wilders?
    Deze tekst is mij wat te lang, maar de titel is intrigerend
    Wat is in een zin nu je punt?

  2. Marius van Artaaa schreef:

    O.a. richt ik me tot Wilders, maar ook tot Spruyt, Cliteur en allen die menen dat we het vaderland moeten redden door er een monocultuur van te maken, waarin zij zich voordoen als erfgoedbeschermers, maar in feite uit zijn op het monopolie om hun gelijk op wereldschaal te vestigen. Ik vraag ze om terug te gaan naar de basis van de democratie en uit te gaan (als een gegeven en als waarde) van de pluriformiteit die in de grondwet staat en de spelregels om via in de discussie gebleken houdbare argumenten, dialogen en debatten hun motieven, doelstellingen enz. tegen het licht van alle anderen te houden.
    Excuses voor mijn lange teksten. Ik neig tot veelschrijverij. Met dit essay wilde ik ook veel te veel:
    – laten zien dat Het Holland waar zij naartoe terug wilen, het dorp Den Haag uit de 18e eeuw is,
    – de kleinburgerlijke Haagse bourgeoisie, de Haagse Bluf, is haar monoculturele droom
    – een monocultuur sluit ontwikkeling van nieuwe fenotypen uit. Een fenotype is de specifieke verschijningsvorm van de soort en staat tegenover, het genotype, in dit geval de mensachtige. Met als gevolg dat de hollander als hagenaar slechts één type van hel haar bevolking duldt, namelijk zichzelf in iedereen terugzien, Ons Soort Mensen)
    – een monocultuur hoeft dat niet te doen, maar is dan uit op monopolie en helemaal niet op een democratie. Het conservatisme wil als de Islam zijn, zoals zij die zien (namelijk als een monocultuur die zijn vruchten niet met je wil wisselen maar over jouw bodem al haar zaadgoed spreidt).
    – terwijl juist de Islam op wereldschaal pluriformer van aard is dan de conservatieven zich van een cultuur kunnen voorstellen
    – de monocultuur is vaak een plantagecultuur, daarmee wilde ik ook aangeven dat er koloniale draden door hun kritiek en ideologie geweven raken, die ik als het verdriet om een verloren rijk in De Weduwe van Indië laat stollen
    – de nostalgie naar de 18e eeuw en het zich toeeigenen van het verdriet van de Hagenaar, de weduwe van Indië heb ik alleen maar aangestipt
    – de vergelijking van de conservatieve roep om een Heimat zonder darrengebroed met de roep om zelfbestuur is ook niet helemaal uit de verf gekomen
    – van het verkrijgen (bijna vorderen) van stadsrechten door de 18e eeuwse Haagse Bluf is te weinig verhelderd dat eze via de grondwet en de gemeentewet zijn gegeven en wat dat toch aan teleurstelling voor de Hagenaar heeft ingehouden
    – ik wilde dat de conservatieven voorhouden die nu eigenlijk vorderen dat hun abjecte mening en hun grote gelijk omgezet wordt in het staatsrecht, niet om deel te nemen aan een mondialisering van de politiek, maar zich juist af te keren in een autocratie van de Kiezer Die Het Niet Langer Pikt.
    – enz. enz.
    Op zich hou ik zelf wel van meanderende teksten, maar ik kan me goed voorstellen dat de lezer dat niet kan volgen. Mijn excuses dat ik me zo heb laten gaan.

  3. Maria Trepp schreef:

    Goh wat ben je goed!
    Ik houd van meanderende teksten, heb ook eens over mij eigen meanderen geblogged"Meanderend voorwaarts!"http://www.vkblog.nl/bericht/155415
    Spruyt, Cliteur enz. dat weet je toch, dat ik een heel project heb ( Het passagenproject) dat over/ tegen deze idioten gaat???

  4. Marius van Artaaa schreef:

    Ben net terug van je vkblog. Indrukwekkend gestapeld wat er allemaal omgewoeld kan worden. Ik mag dan door je goed gevonden woden, maar jij komt bijna om in je goede goed.
    Voor mij een oneindige grabbelton, waar ik een paar gedichtjes aan heb toegevoegd. Ik heb je meteen als favoriet in mijn nis gestopt en zal vaker bij je langsgaan om in je oceaan wat dieper te duiken dan ik nu heb gedaan.
    Mocht je trouwens in de gelegenheid zijn om naar de tentoonstelling Leids Rijnwater bij Sidacstudio op de Hoge Woerd 77 te gaan, dan kun je mijn werk in je woonplaats zien dat ik voor deze stichting in opdracht heb gemaakt. Ik ben benieuwd wat ervan vindt. De expositie begint 12 juli a.s. met een opening door Pink Meltzer om 4 uur, zij neemt ook deel aan deze groepstentoonstelling en noemt zich fraai dichterette.
    Jammer genoeg kun je wat ik gemaakt heb niet meer op mijn VKblog vinden, maar je woont toch in Leiden dus voor jou geen probleem op zich. De tentoonstelling duurt tot 9 augustus. Een catalogus van wat mijn bedrijfje in oprichting uit wil geven kun je opvragen via artafterallart@gmail.com o.v.v. je postadres om het je te kunnen toezenden.
    Het passagenproject heb ik even ingekeken. Het spreekt me zeer aan. De idioten noem je ze, daar kan ik me in vinden als je bedoelt dat het idiote idolaten zijn, geheel in beslag genomen door hun denkbeeld zelf in plaats van de uitwerking ervan op de ander. Mijn grootste thema, de afwezigheid van de liefde in onze herberg, de maatschappij, zou ik er zo aan kunnen linken. Ik heb daar een verhaal over lopen, waarin ik probeer mijn eigen leven te beschrijven als één grote onderneming om met alles en iedereen goede relaties aan te gaan en uiteindelijk op mijn zoektocht die ander te ontmoeten die mij is voorgegaan. Daarin kom ik tot de ontdekking dat we cultureel allemaal in relatiepiramiden overleven en dat we daarin zoeken naar consonante verhoudingen met elkaar, de wereld om ons heen en met hetgeen een goed leven brengt, dat in de hoekpunten aan andere piramiden kan worden doorgegeven of door andere kan worden bevrucht.
    Dat verhaal kent al vijfentwintig hoofdstukken, maar het einde is nog lang niet in zicht. Delen ervan wil ik dit jaar uitgeven, maar dan als een libretto voor de opera’s "Iets is me dierbaarder dan een offer, schoner dan de hand die het ontvangt" en "De zee voor het eten, het eten voor de zee" (een variant op een dichtregel van Hans Verhagen).

  5. Maria Trepp schreef:

    Kijk aan ik ben VOLKOMEN verbluft.
    Een zielsverwant.
    Natuurlijk kom ik naar je tentoonstelling ( ben de 12e weg maar na de 14e terug), catalogus wil ik natuurlijk hebben.
    Benieuwd naar je gedichten….heb mijn blog nog niet ingekeken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.