Post Tagged ‘beppe maaike’


gooibrood

Gewoon een verkoudheidje, had de dokter haar gezegd. Maar hoe kan dat, had Beppe zich vertwijfeld afgevraagd. Ze was nooit ziek. Ach, had hij haar geantwoord, iedereen kan het overkomen. Ik ben niet iedereen, had ze hem rillend toegebeten. En waarom overkomt het mij en u niet?

Haar hele lijf ervaarde ze als in opstand tegen het kwaad dat alles verslapte en verweekte. Dit was niet zomaar een kwaaltje wat haar in de greep had. Dit was een heuse plaag, een duivelskunstje. Wat moest ze doen om ervan af te komen? Hoe drijf je zo’n duivel uit je lijf?

Thuisgekomen pakte ze de stoof uit de kast en stak de kooltjes aan om het kwaad met wortel en tak uit te roeien. Ze gooide voor de zekerheid een pittig kruidenmengseltje van kruidnagel, berenklauw, mint, St Janskruid en reuzenbalsemien over de gloeiende fossielen, waar de duivel het flink benauwd van zou krijgen.

Zeven dagen zat ze in de stoom, tot de rook haar op zou breken. Men vond haar bijna
bezweken, asgrauw van het ingeademd gif, tussen de kuchende bacillen die haar
porieën waren uitgevlucht; proestend dat ze hen niet klein zou krijgen zonder ze te stenigen. Te zwak om ze van repliek te dienen staarde Beppe voor zich uit. Doodtrappen kon ze ze niet en stenigen was totaal geen optie.

De twijfel over de genadeklap verdween toen ze zich realiseerde wat een mooi woord verkoudheid was voor een toestand waarin de mens louter uit drek van snot en slijm bestaat. Om van dat plakkerig stukje leven nog iets fraais te maken?

Zou dat het zijn? Ze zag er plots een teken in, dat het hele leven omvatte. Verkoudheid is een bijna doodervaring, kwam als eerste gedachte in haar op. Om tot stof weer te keren moet de mens eerst door die fase van verslijming heen. In die fase komt het verlangen je helpen om weer de oude te worden.

Het was dat inzicht wat Beppe Maaike verstijfde en haar levenloos voor zich uit liet staren. Geheel in de ban van de idee dat de mens uit een oneindige verstuiving van verkouden deeltjes is ontstaan, waarvan de plakkracht het leven bepaalt. Eenmaal vastzittend aan elkaar verlangt hij naar het moment dat het weer uit elkaar spat en hij zich in oneindige stofjes deelt om in wolken opgenomen te worden, waar geen tijd bestaat.

Dus zo zat het leven in elkaar, stelde Beppe tevreden vast. Stofjes, die verlangen naar een plaats, laten je geboren worden en dezelfde stofjes verlangen daarna naar een volgende plaats om te dromen van de tijd dat ze samen waren.

(bijdrage aan Barbara’s baard)