Post Tagged ‘buurtwachtmobiel’


Flex is blij dat het liedje is afgelopen. Hij vindt het maar niks dat de aandacht nu geheel naar de zus van Lux uitgaat, terwijl ze zijn verdriet luchtigjes overslaan. Hij voelt dat hij ongewenst is als partner voor de oprichting van het museum van veiligheid, want de schrijfcoach heeft met geen woord over zijn inbreng gerept en Lux heeft hem ook niet apart genomen nu hij zijn handen vol lijkt te hebben aan het beeldverkeer met de toekomstige regentessen van het museum. Onder de smoes dat hij zich moet verschonen, verdwijnt hij in de Natte Ruimte. Een afwerkplek voor de multimeren die gepolijst moeten worden vanwege verharde cellulitus. 
 
Nadat hij de smerige lava van zijn gelaat heeft gepoetst, wil hij zich insmeren met het vet waarmee multimeren besmeerd worden die waterbestendig moeten zijn. Bij hem zorgt het voor een superstrak velletje, dat lichtelijk bruin en spiegelglad na de smeerbeurt in de spiegel hem aanmoedigt er zijn dag van te maken. Maar helaas, nergens staat het vet. Als hij geërgerd de plek waar het normaal staat een veeg geeft, verschijnt er onder het weggesleepte stof plaatwerk dat hij nog nooit gezien heeft. Een Betere Buurt Kan Zonder Beter Bed leest hij boven een prent die de Schrijversdokter wordt genoemd.
 
 
schrijversdokter
 
 
onder het plaatwerk heeft lux geschreven dat de schrijversdokter hem heeft geadviseerd om een coach bij de arm te nemen, die in staat is van hem ook een autonome auteur te maken naast zijn autonoom kunstenaarschap. wat lees ik nou, peinst flex verbluft, heeft hij een coach om autonoom te worden? terwijl hij samenwerking zoekt met zoveel mogelijk mensen? vreemd, heel vreemd. dat autonome heeft hij vast van zijn vader geèrfd. die wil ook alles in zijn eentje doen, maar die kan gelukkig niks. autonoom, dat is wel de meest neutrale term die je je kan bedenken om eigenlijk te zeggen dat je van iemand af wilt komen zonder echt uit elkaar te gaan. zoals je in een gesprek de ander kan laten praten, terwijl je zelf allang met je hoofd er niet meer bij bent en je het gesprek gaande houdt met de hersencel voor massacommunicatie. bij lux moet die cel nu in ploegendienst aan de slag zijn.
 
met heimwee denkt hij terug aan de tijd dat ze samen elkaar de waarheid vertelden. toen lux nog niet met hem praatte door alleen zijn laatste zinsdeel te herhalen. een truuk die hij moet hebben geleerd toen hij in de homowereld zijn heil zocht, omdat zijn grootvader geen enkele trek had hem het vak te leren waar zijn vader in mislukt was. lux had dat als een afwijzing voor het samenleven ervaren, zijn schooltas gepakt en pas negen maanden later weer van zich laten horen. toen merkte hij al die echo. als je lux uitlegde dat je de draad weer wilde oppakken, hoorde je slecht “de draad wil je oppakken”. vanzelf ga je dat dan toelichten. terwijl hij vroeger had gezegd dat je de draad nooit moet oppakken dombo, je moet hem om je vinger winden. dan hadden ze meteen een ruzie van jewelste om het te kunnen besluiten met de oprecht gemeende zucht dat we elkaar zo fijn de huid konden volschelden en toch never elkaar los zouden laten. wat was dat een prachtige tijd, verzucht flex nu.
 
stolpgesprek
 
 
melancholisch draait hij de schijrversdokter om en wordt verrast door de mobiele buurtwacht. jeemig, wat een prachtige terugvinding is dit, juicht zijn ontwerpershart. wat een machtige herinnering aan de tijd dat de samenleving, vaak op vaste dagen, buiten huishield. en wat heeft hij het toch weer zo modernistisch mogelijk verbeeld. de plaat maakt hem bijna weer verliefd op de hartverwarmende geest van zijn buurjongen, jaloers zelfs, wat de liefde alleen maar heftiger maakt. prachtig gevonden lux, complimenteert hij zijn vriend binnensmonds, fluisterend over het genie om tuinieren gecombineerd af te beelden met uit je doppen kijken, ingrijpen, blussen en straatontvetten. een vrouwelijke versie voor de eerste zomeractiviteiten en een mannelijke voor het ingrijpen, arresteren en met een sleepnet het straatvet van de buurtvloer schrapen.
 
buurtmobiel
 
 
hij bladert verder. de slager heeft lux als wijkprofeet afgebeeld en hem dat laten zeggen wat flex hem laatst nog uitlegde. toen had hij het idee dat lux er niks van begreep, omdat hij niks met economie had. verrek, hij snapt het zelfs beter dan ik het hem kon vertellen, leest hij verbaasd over het inzicht dat iedere inhoudsvergroting door inkrimping van de benodigde stof eigenlijk de prijs zou moeten doen dalen, maar in het kapitalisme altijd juist de prijs extra verhoogt per vierkante millimeter.
 
wijkprofeet 
 
snel bladert hij door het album heen. de ene na de andere fantastische terugvinding voor een echt veilige buurt danst voor zijn ogen een prachtig ballet. dit moet ik inpakken, begint er een plannetje in hem op te komen om via een achterdeur in dat museum binnen te dringen. eerst deze opblaasbare inbrekerd. daar kan ik nog mijn voordeel mee doen, maakt hij zich vantevoren al vrolijk bij de gedachte dat hij met deze terugvinding van het oude ambacht van ongemerkt overal binnen kunnen sluipen straks dat museum kan bezoeken wanneer hij maar wil.
 
opblaasinbreker
 
 
hij moet er zelf zo om lachen dat het album uit zijn handen valt. door zijn harde lach is de nieuwsgierigheid van de grootmoeder van lux meteen wakker. ze steekt haar hoofd om de deur en ziet flex tranen met tuiten lachen met rond zijn voeten een serie prenten over een engel, lijkt het wel. een vliegende rechter nog wel, mompelt ze terwijl ze flex tot de orde roept. waarom zit jij te neuzen in lux archief? flex is in één keer klaar met zijn lachstuip. ik heb dit toevallig gevonden, hoor, wijst hij naar de dildoachtige terugvinding van de engel der wrake, wiens vleugels verzwaard zijn met de tafels, die mozes stuksloeg, boos op gods afwezigheid toen zijn  volk een scheve schaats koesterden. grootmoeder hoort zulke taal nooit, zij is zeer gelovig maar niet op basis van geboden. vliegend recht, ja dat spreekt haar wel aan. dat je recht kunt vliegen en recht kunt spreken in één totaliteit. daar moest ze het hare van weten.
 
 
vliegendrecht