Post Tagged ‘kannibalisme’


Onbevrucht

Op de rand van de bakplaat poept ze onbeschaamd en zonder een spatje eiwit een prachtige, bijna goudgele, dooier. Zie het dier als vrucht, kakelt ze wanneer ik verbaasd naar haar bedoelingen vraag. Ruik je de gisteren geoogste mais en de heerlijke, ongemalen verteerde, granen?

Ooit waren jullie eters van alleen planten, dronken je verre voorouders elkaars melk. Dat deden ze voor het binnenkrijgen van vitaminen die in vlees voorkomen en gelukkig ook in eieren, onderwijst ze mij op het frikkige af. De enorme kip, die toevlucht heeft gezocht in mijn keuken vanwege de eetlust van mijn buren, leert me dat haar onbevruchte eieren van nature bestemd zijn voor menselijke consumptie. Waar zijn ze anders goed voor?, parafraseert ze een bekende koffiecupreclame.

Volgens haar is het echter verstandig om af en toe een stukje goed vlees te eten. Het liefst van een dier dat veel gras heeft gegeten. Drie eieren per dag kan ook, maar dan mis je variatie. Dat zou op den duur niet goed zijn voor je gezondheid dan wel je eetlust, besluit ze haar voedingsadvies.

We zouden ook elkaar kunnen opeten, opper ik als alternatief. Per dag vallen er tegenwoordig genoeg slachtoffers, die nu nutteloos onze mond voorbij gaan. Het scheelt bovendien een steeds duurder wordende begrafenis en alle kosten die erbij komen voor het opbaren tot en met het grafrecht.

Dat doe je niet, protesteert de hen, zelfs als dier eten we de eigen soort zelden op. Fijntjes wijst zij op het onsterfelijk verleden van dat taboe. Al spring ik een gat in de lucht met kreten als ‘leef in het nu!’en ‘geniet van het moment!’ Zij houdt vol dat we dat helemaal niet kunnen. Niet zozeer vanwege een ethiek. Jullie brein kan niet zonder het verleden functioneren, spot ze met mijn nieuwlichterij.

Talrijke ervaringen zijn, volgens het erudiete dier, op een geheim plekje in ons hoofd opgeslagen. Zonder die database nemen we geen besluiten en kunnen we ook niet zien wat we denken te zien. Het dier als vrucht beschouwen is kennelijk deel van onze ervaring, stel ik peinzend over mijn eetlust vast De mens als eetbaar beschouwen niet. Of het is ons ooit slecht bekomen. Althans zo proef ik opeens in mijn gedachten.