Post Tagged ‘licht’


Laatste scheppingsdag

De wording van een mooie dag

Op wat vlekjes in zijn gezicht na was hij bleek,
Gelukkig geen vuurrode kop meer, zag hij
Zelfs niet lelijk, bijna aantrekkelijk, het is goed, dacht hij
Toen het donker weer van het licht gescheiden was.

In het begin is die ingreep verschrikkelijk geweest.
Het moment waarop hij uit haar buik gestoten werd,
Sneedt het licht als een vlijmscherp zwaard het bestaan kapot
Van een samenleving in het veilige, warme en duistere lichaam van de ander.

Waar geen honger of dorst bestond, geen hard geluid, geen kou, geen onlust
Zoals in het paradijs bedacht hij zich, veel later in de tijd van zijn wording.
Toen de innige duisternis allang verkeerde in angstaanjagende nachten
En de dag schaamte bracht in de spiegel van zijn ziel, zodat hij de wereld vreesde.

Hij behield dat gewonde hoofd tot hij ging roken en het bloed uit zijn gelaat trok.
Hij noemde die dag de aarde waarop hij voor het eerst het evenwicht bewaarde.


Schaduwventen blog

*

*

De standwerker

*

Die dag was er geen zon

terwijl de lucht onbewolkt leek

was op straat geen mens te bekennen

wel nog de schaduw van de standwerker en

*

van zijn winkelend publiek

dat zich gisteren vermaakte met

slappe potloden die je niet stuk kon bijten

kunstvlees dat je niet van echt kon onderscheiden

*

ze gingen grif van de hand

iedereen sloeg in en leeg was het rek

ook het kunstvlees was die dag erg in trek

waaruit men zelf nog meer potloden kon snijden

*

blind was men gezwicht en over zijn schaduw heen gesprongen

eenmaal tot het onmogelijke gedwongen kwam men niet meer aan het licht

*

*

*

Rotterdam, dinsdag 1 oktober 2013, de dag waarop de politiek van over-de-eigen-schaduw-heen-springen het verleidde publiek het licht ontnam


Waterpaard ondertekend

*

*

Voor de plundering

*

Waar het water bellen baart

veranderde stralend licht

de toestand van de stoffelijke dicht-

heid in de massa tot een vloeibaar paard

*

Met duizenden tegelijk

stonden ze op uit de branding

maakten van het strand een dierenrijk

van waterpaarden, een galopperende dampkring

*

onbereden verrasten ze de dagjesmensen

met een nooit gedacht ontstaansverleden

dat plooibaar binnen zuiver rationele grenzen

hen opvrat in het stuivend zand onder hunne leden

*

voor de plundering was de gehele zoom nog vervuld van een zoete droom

met al haar water hield moeder aarde de zelfkant van ieder wezen in toom

*

*

*

Rotterdam, dinsdag 24 september 2013, de dag waarop de aanvankelijk afgekeurde prent al was opgekalefaterd, het gedicht is herschreven en het drieluik zodoende, weliswaar in bochten, is volbracht.