Post Tagged ‘structuur’


k-vier-gestalten-5

Het vurige wezen, wonend in de borstkas, plant zich in familietakken voort, kan boos- en goedaardig zijn en wordt als innerlijke hartstocht gevreesd, verwelkomd, geprezen of verworpen.

Het wordt gevoed door de omgeving, die het als het slechtste of het beste in de mens naar boven kan halen.

Ooit is het als fabeldier geboren. Toen de in één schepper gelovende mensheid in de ban was van de slang in het Hof van Eden. Daar dankt hij zijn vurigheid aan, al zijn overige stemmingen en vooral de negatieve klank van een ruziezoeker, een kort lontje, een driftkop, een vechtersbaas met een onberekenbaar karakter en (als het vuur gevaarlijk is) een terrorist.

Tegenwoordig wordt het vuur eerder met hartstocht verbonden dan met inborst en is wat zich in de borst bevindt niet meer afkomstig van een mythische slang. De moderne mens geeft de voorkeur aan neutrale betekenissen zoals gemoedstoestand, karakter en aard.

Men zwaait nu met normen en waarden om de inborst te temmen en keert deze zich tegen de maatschappij dan is ieder geweld opeens geoorloofd om het wezen de wereld uit te helpen.

We missen dompteurs en een circus waarin de inborst zich kan onderwerpen aan de oefeningen om een amusante speler in het geheel te zijn.


cirkelfiguur

De cirkel is een lastige figuur voor een gedicht. Het oppervlak past net niet in een rond gezicht. Het plaatje van Pieter lijkt volmaakt, maar er is flink gesmokkeld om het geheel rond te krijgen. Pi r in het kwadraat vult net niet alle regels. Zonder een derde dimensie steekt Pi er steeds uit met zijn knie. Als deel van een eindige kegel, klopt wel iedere regel. Dat geldt evenzeer voor de poëzie, waarin de cirkel wordt gezien als het platste vlak van een ronde hak, tak of zak.

Gezicht

 

De cirkel is rond

bol en plat

bevat

geen grond

 

als oppervlak

lijkt het een schijf,

een flinterdunne plak

getrokken met het stijve lijf

 

van de passer, die wijdbenig

op een leeg vel geplaatst

soepel en lenig

om zijn middel schaatst

 

een gezicht vanuit punt A vertrokken

wordt een loer gedraaid zonder brokken.

De cirkel is van oorsprong het symbool voor de eeuwige terugkeer in de natuur van geijkte patronen, waarbinnen we het veiligst wonen van alle mogelijke structuren. Zonder hoeken kan niemand zich voor je verstoppen en is het onmogelijk je te foppen met wat je niet ziet. Voor een bos de ideale figuur, waarmee je door de bomen het geheel blijft zien van haar bestaan.

Zoals in de Mantelingen

waar rillend het hele eikenbos

al haar zongedroogde bladeren los

gooit in levensgrote jaarringen

 

rond iedere stam vormt zich een grafiek

een krans voor de doden in de strijd natuur te zijn

voor ieder afgelopen jaar een rondgetrokken lijn

die de ziel achterlaat voor het publiek

 

de varens juichen de striptease toe

groeien op van het meerdere licht

hun bladeren worden nooit levensmoe

bewaren de lente in elk tijdsgewricht.

 

Nevels hullen het bos in een doorschijnende bloes

bezorgen de kale taken een weldadige roes

Uit: Zonder figuur is er geen natuur